Sluit [X]   
 

Milicien-soldaat Dagloonder in 1919: vonnis rechtszaak Krijgsraad te 's-Gravenhage, Zuid-Holland

© 1999-2022, René G.A. Ros
Laatst gewijzigd 11-4-2022

Nieuwsbrief

Nieuwsgierig? Lees deze nieuwsbrief maar!Nieuwsbrief 508

Nieuwsbrief Stelling van Amsterdam
Een nieuwsbrief over militair erfgoed in de regio Groot-Amsterdam.
23ste jaargang, nummer 508, 22 december 2021

 

Inhoud

In deze nieuwsbrief:

 

Inleiding

Welkom bij de laatste Nieuwsbrief Stelling van Amsterdam in 2021. Met hopelijk leuke artikelen om de rustige avonden van weer een lockdown en tevens kerstvakantie mee te besteden en verder door te klikken. Ben jij de tel ook al kwijt en lijkt het één lange lockdown?
Na een kerstgroet gaat het eerste artikel over de vele artillerie-batterijen die er grotendeels niet meer zijn. Het is de grootste uitbreiding van de website sinds lange tijd. Daarna hebben we het over een bronzen kruitkist. Vervolgens een opinie-stuk over de pantserkoepel van Velsen: waar is die nu, hoe komt het daar en waar gaat het heen?
Tenslotte een engelstalig verslag van een archeologie-studiebezoek aan een fort, en een toepasselijk kerstverhaal waarbij de kameraden boven de verloofde gingen....

Er is nog geen artikel gereed dus dan maar beginnen aan de jubileum-nieuwsbrief voor 3 januari volgend jaar. Fijne kerstvakantie!

Lees deze nieuwsbrief op: https://www.stelling-amsterdam.nl/nieuwsbrief/2021/nieuwsbrief-508/
De volgende nieuwsbrief zal waarschijnlijk op 3 januari verschijnen.
Wil jij een artikel over militaire historie schrijven voor deze nieuwsbrief? Of heb je tips en wensen voor artikelen? Laat het ons dan weten!

Tip: houd de cursor boven elke afbeelding om een beschrijving te zien.

 

Dienstberichten

- In Nieuwsbrief 500 lanceerden we de Mobilisatie Herinneringen van Luitenant Rang. Daarin gaven we ook een toelichting op de totstandkoming en een kosten-indicatie. Daarbij gaven we aan dat de factuur van het Recreatieschap Spaarnwoude voor de fotosessie op Fort benoorden Spaarndam de grootste kostenpost zou zijn. Ondanks meerdere 'aanmaningen' hebben we die factuur nooit ontvangen en na een half jaar boeken we die schuld af. Met dank aan het Recreatieschap Spaarnwoude voor hun medewerking!
Nieuwsbrief 500

- Van de Mobilisatie Herinneringen van Lolke Rang is een gewijzigde versie gepubliceerd. Met aanvullende informatie over de woning van timmerman Groot. Maar ook, nadat eindelijk de studiezaal van het Nationaal Militair Museum kon worden bezocht, enige aanvullende opmerkingen over de Instructie-Inventaris en de Militaire reisherinneringen in Rusland door fortcommandant Scholten.
Mobilisatie Herinneringen (met download)

- Wie heeft er in de omgeving van Weesp een dia-scanner die geschikt is voor A4-formaat negatieven? En die ik eens mag lenen of gebruiken om bijna 90 negatieven te scannen?
Neem alsjeblieft contact op met de auteur via de Contact-link, links op de website.

 

Prettige feestdagen!

Kerstkaart met gebouw Fort Uitermeer in de sneeuw.Mede namens de andere betrokkenen van het Documentatiecentrum Stelling van Amsterdam wens ik alle lezers fijne feestdagen, een goede jaarwisseling en alvast een voorspoedig 2022!

Heel veel dank aan de vrijwilligers, sponsors en donateurs die het werk ook dit jaar hebben ondersteund.

René Ros

Team
Sponsors

 

Artillerie buiten de forten

Tekst: René Ros.
Foto's: collectie Nationaal Militair Museum / Jaap de Zee.
Met dank aan: Martin Hilgers.

Waarom zijn er alleen betonnen nevenbatterijen in het westfront van de Stelling? Waren er niet meer batterijen? Daar waren zeker aanwijzingen voor, maar een overzicht was er nog niet. En wat was de taak of taken van dergelijke batterijen?

"Mitrailleuropstelling in de hoofdweerstandslijn bij Kwadijk"Sinds 2004 kennen we een geheime stafkaart met alle verdedigingswerken, inundatiekommen en andere interessante zaken over de Stelling. Daarop staan batterijen aangegeven met een warboel aan Romeinse getallen en kleine letters bij verschillend gekleurde punten.
Bij gebrek aan andere bronnen werd een overzicht gemaakt op basis van die kaart, dat locatie, aantal stuks en kaliber van het geschut vermeldde. Eenmaal gereed stonden er 161 locaties in het overzicht, inclusief de 12 al bekende en nog bestaande betonnen nevenbatterijen. Onder andere het originele boekwerk 'Geschiedenis van de Stelling van Amsterdam' bood tussen de regels door enige informatie.

De kaartcoördinaten werden bepaald en langzaam begon er een beeld te ontstaan, en ook op een andere manier. Want ook al heel lang kennen we negentig foto's uit 1916 die zijn opgenomen in twee fotoalbums, die nu in het Nationaal Archief en het Nationaal Militair Museum liggen. Daartussen zitten foto's van batterijen en 'mitrailleurstanden' buiten de forten. Met soms een plaatsnaam in het bijschrift en, met nu een beperkte hoeveelheid locaties, was het iets makkelijker om de locaties te achterhalen waar die foto's waren gemaakt. Bij de meeste foto's blijft het een aanname, maar soms is het echt heel zeker. Zoals van de foto "Mitrailleuropstelling in de hoofdweerstandslijn bij Kwadijk" (links), waarop een nog bestaande woning in dat dorp is te herkennen. Belangrijk is ook dat deze foto's aantonen, dat in ieder geval een deel van de batterijen is aangelegd en het niet gaat om niet-uitgevoerde plannen.

"Batterijbouw Positie Muiderberg"Er blijkt sprake te zijn van batterijen met positiegeschut (12 en 15 cM) voor de zware artilleriestrijd met een vijand, aangegeven met een Romeins getal. De betonnen nevenbatterijen waren voor dit positiegeschut, maar er waren nog veel meer aarden batterijen voor bestemd.
Daarnaast waren er batterijen tegen stormenderhandsche aanvallen (stormvuur), met een kleine letter aangegeven. Deze zie je in de directe nabijheid van de forten voor de verdediging van de accessen. Het 6 en 10cM geschut hierin moest, met het geschut in hefkoepels van de forten, de accessen verdedigen. De forten deden dat helemaal niet alleen, ze beschermden slechts een deel van het geschut door het binnen de gracht en door infanterie te laten verdedigen.
Omdat de nummering per groep is, bestaat het vermoeden dat het hoogste bevel over deze batterijen bij de artillerie-officieren van de groepen lag.

Tussendoor was er contact met Martin Hilgers die zich richt op de Groep Westzaan. Hij had in de Memorie van Verdediging van die groep stukken gefotografeerd over de batterijen in nota bene de groep Halfweg! Met keurig de Romeinse getallen en kleine letters, zoals ook op de militaire kaart waren gebruikt. Deze lijst bevat de locatie én de taak, en bevestigde bovenstaande informatie. Begin december ben ik naar het Nationaal Archief geweest om de lijsten van de andere groepen te vinden. Eerst de memories van de vier sectoren, maar helaas zonder resultaten. Vervolgens twaalf dossiers met de memories van de groepen en ook daar geen positief resultaat...

Een tweetal stormvuurbatterijen was al bekend uit andere bronnen. De Batterij aan het Noordzeekanaal bleek nu als batterij r in de Groep Westzaan op de lijst te staan. En de Post aan de Uiterweg, bij Aalsmeer, moet batterij o in de Groep Schiphol zijn geweest.
Van een ander kaliber is het feit dat de Kustbatterij bij Durgerdam als Batterij I in de Groep Edam op de lijst staat, maar om onbekende reden de Kustbatterij bij Diemerdam niet. Ook de koepels van Fort bij Spijkerboor en Fort bij Velsen staan als positiegeschut met een Romeins getal genoteerd.

De betonnen frontbatterijen van Fort bij Kudelstaart en Fort bij De Kwakel worden echter niet op de kaart als batterij aangeduid. In de bewapeningsstaat wordt er ook geen geschut voor genoemd. Het is dus onzeker welk kaliber er zou hebben moeten staan en met welk doel. Aangezien elders betonnen batterijen voor zwaar positiegeschut waren, zou je kunnen aannemen dat dat hier ook het geval was. Ook staat de hoofdschootsrichting (as) niet op het access gericht maar verder naar voren. En van Fort bij de Kwakel is bekend dat het de Stelling bij Vrouwenakker moest ondersteunen, op 1200 meter en verder. Het hefkoepelgeschut zal daar niet voor gebruikt zijn, zodat het aannemelijk is dat het geschut op de frontbatterij die taak had. Wellicht moeten we binnenkort toch maar eens de Memories van Verdediging van beide forten gaan raadplegen. De reden dat op deze twee forten wél zware artillerie op het fort kwam, zal te maken hebben met het feit dat ze voor de hoofdverdedigingslijn liggen. Afijn, ze zijn een bijzondere uitzondering op het verhaal van de artillerie buiten de forten.

Verdedigingswal bij Kruisweg Hoofddorp? met 6 cm geschutDe nu 'ontdekte' batterijen zijn vrijwel alle verdwenen, op locaties die bebouwd of grasland zijn, zodat een bezoek tijdsverspilling is. Restanten van drie aarden batterijen herkennen we alleen in één liniewal, namelijk de Geniedijk Haarlemmermeer. In de aan de website toegevoegde overzichten, wordt het positiegeschut met naam, omschrijving, locatie en - indien beschikbaar - een foto getoond. Van de nabijverdediging zijn alleen lijsten met letter, acces en nabijgelegen fort. Eventuele foto's worden onder de betreffende lijst weergegeven.

Stel dat de Stelling zoals die in 1918 was, ons geheel intact was overgeleverd maar zonder de forten. Dan was het een nog veel indrukwekkender geheel van veel kleine verdedigingswerkjes geweest, dan wat we nu hebben. In werkelijkheid zijn ons eigenlijk alleen de forten en liniewallen nagelaten en dat vinden we al indrukwekkend!

We hopen dat bij het geplande herstel van de liniewallen, ook de batterijen hersteld zullen worden. Zodat je kan zien dat het geen gewone waterkerende dijk is, maar een verdedigingswerk.

Artillerie buiten de forten (nieuw, vervangt overzicht nevenbatterijen)
Geniedijk Haarlemmermeer
Batterij aan het Noordzeekanaal
Post aan de Uiterweg
Kustbatterij bij Durgerdam
Kustbatterij bij Diemerdam
Fort bij Spijkerboor
Fort bij Velsen
Fort bij Kudelstaart
Fort bij De Kwakel
Geschiedenis van de Stelling van Amsterdam
Nationaal Archief
Nationaal Militair Museum

 

Is het wel of geen Stelling-kruitkist?

Tekst en foto's: René Ros.
Met dank aan: Ruud Mosk.

Kruitkist T21.23 voor de kanonremise van Fort Uitermeer.Sommige mensen hebben heel exotische reizen op hun bucket-list staan. Zelf kon ik 'alle forten van de Stelling bezoeken' in 2019 afvinken. Eigenlijk stonden alleen een buskruitkist en een bord 'hondenbewaking' er nog op. Iedereen die me kent weet dat ik iets met locaties heb, dus liefst is wel bekend waar de buskruitkist of het bord vandaan komt. Onlangs kon een buskruitkist verworven worden. De teksten erop gaven goede hoop, maar is te bepalen of die kruitkist iets met de Stelling te maken heeft?

De buskruitkist kon op een voormalig Koude Oorlog magazijncomplex opgehaald worden, dat was op zich al de moeite waard. In een S-magazijn stond de onbeschilderde kist van 39x39 cm en 44 cm hoog. Dankzij de twee scharnierende handgrepen kon de 21 kilo brons eenvoudig in de auto getild worden. Aan de bovenzijde zit een 20 cm grote ronde opening met bijpassende deksel met een knelsluiting.
Op een papieren etiket op de onderzijde van de deksel staat "45 kg. Buskruit R.B.Staafjes. Afk.v.patr.v.7 pv. Order No.290/49". Dit duidt vermoedelijk op 45 kg. rookarm buskruit dat afkomstig is van de patronen van 7cm Veld. Dit zal betrekking hebben op het laatste gebruik van de kist en de '49' zou 1949 kunnen betekenen. Een van de zijden heeft in witte letters "T21.13" geschilderd en op het papieren etiket erboven is niets leesbaar te zien.

Langs de bovenrand is de tekst "Becht & Dyserinck Amsterdam 1898" ingeslagen. Deze fabriek was in 1867 opgericht en gevestigd aan de Stadhouderskade 80-81 in Amsterdam. Het gebouw bestaat niet meer, en het Stadsarchief Amsterdam heeft slechts één afbeelding van een houtgravure in de beeldbank. Online is ook weinig informatie te vinden. In 1913 is de fabriek verhuisd of heeft een tweede locatie geopend aan de Vecht bij Weesp. Een paar restanten van de gebouwen zijn nog te vinden achter het landhuis aan de 's-Gravelandseweg 22, op mijn fietsroute van Weesp naar Fort Uitermeer.

Het jaartal 1898 biedt goede kansen dat de buskruitkist voor de Stelling is gemaakt. Het kan ook voor de Koninklijke Marine zijn geproduceerd, maar in de Nieuwe Hollands Waterlinie waren in dat jaar hopelijk toch wel voldoende gevulde buskruitkisten aanwezig. Ook de pantserforten IJmuiden en Pampus evenals Fort bij Abcoude en de kustbatterijen Diemerdam en Durgerdam moeten van eerder geproduceerde buskruitkisten zijn voorzien. Dat geldt waarschijnlijk ook voor de in 1895 opgeleverde bomvrije kruitmagazijnen in het Westfront. Logischerwijs zou je denken dat deze kist geproduceerd is voor de in 1899 opgeleverde forten Veldhuis, St. Aagtendijk, Velsen en Vijfhuizen.

Nabijopname van kruitkist T21.13.Het zou mooi zijn om een archiefstuk te vinden dat dit kan bevestigen. Maar in het inventaris van het archief Stelling van Amsterdam (Nationaal Archief) komt de term buskruit c.q. buskruid helemaal niet voor. De kans dat de aankoopnota met het nummer van deze kist nog bestaat is nihil. En die aankoopnota zal niet vermelden waar de gevulde kist decennia heeft gestaan. Toch ben ik tevreden en denk dat er een grote kans is, dat de kist voor de Stelling is gemaakt. Maar met 4,50 euro per kilo brons komt het niet op Fort Uitermeer te staan...

Maar, weet iemand een origineel bord 'Hondenbewaking' van een bekende herkomst?

Foto Fabriek Becht & Dyserinck op website Het Geheugen

 

De Koepel van Velsen

Tekst: René Ros.
Foto's: AOOI b.d. Don van Riel, Geo van Geffen, René Ros.

Je kijkt recht in de loop als je voor het hek naar het depot van het Nationaal Militair Museum staat. En mocht je de bocht te ruim nemen, dan zal je voorbumper meer schade hebben dan het voorpantser. In ruim veertig jaar tijd is er veel gezeuld met 'de koepel van Velsen' maar eigenlijk niets mee gebeurd. Wat kan de toekomst bieden voor dit stuk historie?

Dieplader met koepel van Velsen in de Velsertunnel.In najaar 1980 is door de 840 Zwaar Transport Compagnie van de Koninklijke Landmacht een van de drie pantserkoepels van Fort bij Velsen overgebracht naar het Geniepark in Alphen aan de Rijn. Een van de betrokkenen heeft in 2009 in deze nieuwsbrief verslag gedaan van het bijzondere transport. Ook gaf hij aan dat de koepel enkele maanden later naar het Artilleriemuseum bij Oldebroek werd overgebracht.

Op een mij onbekend moment is de pantserkoepel (of beter pantseraffuit) naar het Fort aan den Hoek van Holland overgebracht, waar het onderdeel werd van de tentoonstelling van het Nederlands Kustverdedigings Museum. Het was daar in losse onderdelen op het buitenterrein te bekijken.
De gemeente Rotterdam werd eigenaar van het fort en startte een herbestemming waaruit volgde - om het even kort te omschrijven - dat er geen ruimte meer was voor het museum. Onder druk van dreigende dwangsommen moest begin 2015 in korte tijd al het materiaal van het museum weg.

Lossen van koepel van Velsen vanaf dieplader bij NMM.Vermakelijk was dat een aantal mensen zich toen opwierpen als de redders van de pantserkoepel. Door slechte administratie was er onduidelijkheid ontstaan over het eigendom. Maar volgens de - toen al bekende - brieven in een archief van het Nederlands Instituut voor Militaire Historie, was deze koepel buiten de verkoop van het Fort bij Velsen gebleven en nog staatseigendom. In maart 2015 heeft namens de staat het Nationaal Militair Museum (NMM) de pantserkoepel met ander geschut terug in haar bezit genomen. Sindsdien staat het buiten bij het depot van het NMM op de voormalige vliegbasis Soesterberg.

In een presentatie van conservator Paul van Brakel van het NMM, tijdens een online netwerkmiddag van het Kenniscentrum Waterlinies, werden de plannen openbaar gemaakt. Het NMM had besloten dat de pantserkoepel niet in haar collectie thuishoort en het zou 'vervreemden'. In de presentatie werd een plan getoond om de pantserkoepel in de frontdekking van het het Fort bij Kudelstaart te plaatsen. Uit een andere bron was bekend dat Fort aan Den Ham belangstelling had getoond, maar dat plan was niet haalbaar.

Geschut in de tentoonstelling van het Nationaal Militair Museum te Soesterberg.Zelf heb ik enkele jaren onterecht gedacht dat het om hefkoepelgeschut ging. Was dat het maar geweest, dan had het op veel forten letterlijk en figuurlijk een passende plek kunnen vinden. Maar het gaat om uniek 15 cm geschut van een wat grotere omvang. Terug naar het Fort bij Velsen lijkt uitgesloten en in ieder geval niet in de nabije toekomst, zolang het fort geen nieuwe eigenaar heeft die er mogelijk iets mee zou willen. En omdat het bomvrije gebouw niet meer bestaat, zal het ook daar los op het terrein komen te staan. En na ruim 40 jaar omzwervingen weer terug op de oorspronkelijke plek, is ook weer zo wat.

Gezien haar oorspronkelijke functie, heeft de pantserkoepel een belangrijke band met het Noordzeekanaal. Zichtbaar vanaf de provinciale weg zou Fort Zuidwijkermeer wellicht te overwegen zijn. Fort bij IJmuiden lijkt een beter idee, omdat ook dat fort een pantserkoepel voor 15 cm geschut heeft gehad. Dat was echter een andere uitvoering maar bovendien twee stuks onder één koepel en daardoor zijn - om te beginnen - de afmetingen niet hetzelfde. De koepel van Velsen inhijsen op IJmuiden zou een heel aparte constructie opleveren. Nog afgezien van de hoge kosten voor die constructie, het transport en hijsmateriaal naar een eiland.

Tentoonstellingzaal van het Nationaal Militair Museum te Soesterberg.Ik vrees dat we geen fort gaan vinden waar de pantserkoepel passend én haalbaar én welkom is. Bespaar de transportkosten door de pantserkoepel bij het NMM te plaatsen als onderdeel van de tentoonstelling. Plaats het in het gebied tussen de parkeerplaatsen en de toegang? Of buiten het gebouw ter hoogte van de geschutcollectie? En dan wel zover in een betonvloer, als dat het oorspronkelijke in het fortdak zat en de muren hoeven niet meer zo dik te zijn. Als er geld is voor een tunneltje vanuit het gebouw, dan is dat leuk maar niet noodzakelijk. Om maar een paar ideeën te opperen, wetende dat de realiteit ingewikkelder is.

Maar dan moet het NMM nog eens gaan nadenken waarom de pantserkoepel niet in de collectie zou passen. Wat maakt dit geschut anders dan het 10 cm Kazemat of het 15 cm Lang? Waarom wel tanks en vliegtuigen en niet deze koepel?
In een van de eerste tentoonstellingszalen wordt een schitterend beeld van de vestingwerken en waterlinies van Nederland gegeven. Maar vooral met beeldmateriaal en maquettes.

Waarom zou deze pantserkoepel de bezoekers niet een tastbaar beeld kunnen geven van de werkelijke omvang van de dode weermiddelen? Forten die, in tegenstelling tot tanks en vliegtuigen, niet naar het museum zijn te verplaatsen maar wel een belangrijk onderdeel van de militaire historie van ons land zijn. Bovendien grotendeels werelderfgoed en goed om bezoek aan te moedigen! Er staat een iconisch onderdeel op slechts 770 meter afstand om daarvoor te gebruiken!

Artikel 'Zwaar Transport Compagnie op Fort bij Velsen' in Nieuwsbrief 333 (2009)
Presentatie Conservering van geschut door Paul van Brakel

 

Sensed the past at a fort

Tekst: René Ros (Kenniscentrum Waterlinies), Pamela Jordan en Sara Mura (Universiteit van Amsterdam)
Foto's: Pamela Jordan en Sara Mura (Universiteit van Amsterdam).

Als onderdeel van een driedaags symposium over de beleving van erfgoed en archeologie waren we gevraagd een bijdrage te leveren met een introductie en opdracht op Fort bij Uithoorn. We verleenden medewerking omdat ook wij niet alleen tekstuele informatie belangrijk vinden, maar ook beleven, ruiken en voelen. Alleen lagen bij medewerker René Ros de Engelse vaktermen niet altijd op het puntje van de tong, maar daar kwamen ze gezamenlijk uit. Het verslag van de bijeenkomst op zaterdag 9 oktober jl. door de twee organisatoren - in het Engels - wordt hierbij gedeeld.

Deelnemer met gids René Ros bij de keel van Fort bij Uithoorn.The international workshop Sensing the Past: A workshop in applied sensory archaeology and heritage assessment was held in Amsterdam from October 7th-9th 2021. Organized by PhD candidates Pamela Jordan and Sara Mura (School for Heritage, Memory, and Material Culture, University of Amsterdam), the workshop brought together established scholars and early-stage researchers across disciplines who apply sensory approaches to their heritage and archaeology research.

Over 140 registered participants joined to exchange theories, methodologies, and experiences regarding any sensory approach. The workshop started with two full days of online talks grouped into four themed sessions: Senses of Places, Motion and Synaesthesia, Approaching the Object, and Senses and Cognition. The fifteen presentations were anchored with a keynote address by Dr. Sue Hamilton, which generously wove themes and questions raised throughout the two days with decades of her own experience applying sensory approaches to archaeology.

Deelnemer met gids René Ros op het dak van Fort bij Uithoorn.After two days of sensory consideration from a distance, an in-person sensory walk was held on October 9th at the Fort bij Uithoorn to conclude the workshop. The fort was originally built as part of the Defence Line of Amsterdam, which is inscribed in the Stelling van Amsterdam UNESCO world heritage site.

A historical presentation and guided tour were given by Mr. René Ros from the Documentation Centre Defence Line of Amsterdam, revealing how the site maintains many of its original physical features. The subsequent sensory survey offered an approach for participants to analyse historic sensory contributions to such a relatively intact historic space while the echoes of the previous two days’ talks were still resonating. A final group conversation on the potentials and challenges of such an approach pointed towards how participants could contribute to other redevelopment dialogues beyond mere material evidence.

The workshop was a collaboration of the Universiteit van Amsterdam and the Vrije Universiteit Research Institute CLUE+, made possible with the support of Prof. Dr. Gert-Jan Burgers, the ARCHON National Research School of Archaeology, the Amsterdam School for Heritage, Memory and Material Culture, and the Amsterdam Centre for Ancient Studies and Archaeology.

Event 'Sensing the Past' with abstracts
ARCHON

 

Kerstmis op 't fort

Tekst: Een militair op een fort in december 1939.
Foto's: collectie Documentatiecentrum StvA (o.a. deelcollectie Rob Schimmel).
Met dank aan: Otto Bodemeijer, Huib ter Haar en een archiefdienst.

Kersttafereel geschilderd in Fort bij Spijkerboor.We zijn weer een mooi, persoonlijk verhaal op het spoor, waarover we mei volgend jaar een thema-nieuwsbrief hopen te laten verschijnen. Er is een fragment over een kerstviering die we je op dit toepasselijke moment niet willen onthouden.
Omdat we het nog een verrassing willen laten en de rest nog moeten uitzoeken, laten we de namen van het fort en de militairen nog achterwege. Bij wijze van voorproefje is dit een ooggetuige-verhaal over een kerstviering in 1939 in een fort.

De winter bleef in z’n hevigheid maar doorgaan en daarom had ik met “de aalmoezenier” ’n plan gemaakt voor ’n mooi Kerstfeest. Op ’n dag ben ik met de sergeant naar de Hema in Amsterdam gereden en hebben met de Heer Beesemer gesproken over onze plannen met de a.s. Kerstdagen. Hij was er zeer mee vereerd, dat we met hem daarover spraken en zei ons toe, dat hij, alles wat in zijn vermogen lag, er aan zou doen om ons ’n mooi Kerstfeest te bezorgen. Na nog ’n keer uitvoerig met hem over het Kerstfeest te hebben gesproken was de afspraak gemaakt, dat wij 3 dagen voor Kerstmis met onze mil. vrachtwagen ’t één en ander zouden komen ophalen.

Op de afgesproken dag waren we aanwezig en hebben we de gehele Kerstversiering, Kerstbomen, Kerstslingers, kortom alles wat met Kerst te maken had mee naar het fort genomen. Ook Kerstbrood, worstebroodjes, kadetjes, broodbeleg, bonbons, papieren Kersttafelkleedjes. ’t Was prachtig wat we allemaal mee naar het fort brachten. Met de nodige manschappen hebben we “de Kerk tevens eetzaal” van het fort versierd. ’t Was geweldig wat door de heer Beesemer voor ons militairen gedaan was. Voor iedere soldaat was er ook nog ’n souvenier, ’n prachtige portefeuille als Kerstkadeau.

Soldaat op wacht in de sneeuw.50% van onze manschappen mocht met Kerstmis naar huis. De andere 50% mochten met nieuwjaar naar huis, dus moest er geloot worden. Ik behoorde ook tot “de gelukkigen”, die met Kerstmis naar huis mocht. Ik vond het toch wel erg om naar huis te gaan, daar ik er zoveel voor gedaan had en feitelijk wel graag de Kerstnacht op het fort had willen meemaken. Op 24 dec. ’s morgens om elf uur werden de verlofgangers met de vrachtwagen naar het centraal station in Amsterdam gebracht. Een ieder zocht zijn perron op. Ik ging met de Brabanders mee naar het zuiden.

Rond 4 uur was ik bij m’n verloofde thuis maar met de gedachten in m’n achterhoofd was ik nog steeds op het fort. Ze merkte schijnbaar iets en vroeg mij wat er toch was. Aanvankelijk zei ik niets maar dat kon ik niet vol blijven houden en vertelde eindelijk maar, dat ik liever op het fort gebleven was voor de Kerstnacht, omdat ik voor al mijn werkzaamheden juist voor deze Kerst, ik er niet bij was. Wel zei ze, ik begrijp dat best, maar als je graag terug gaat, kun je wat mij betreft gaan. Nu dat was duidelijke taal en een uur later zat ik weer in de trein naar Amsterdam.

De treinenloop was erg vertraagd en met ’n taxi kwam ik om circa 11 uur op ’t fort aan. Ik meldde me bij de kapitein en hij vroeg me of ik niet bij de gelukkigen was om met Kerst thuis te zijn. Na bevestiging van mijn kant en het relaas wat ik met m’n verloofde had gehad, zei de kapitein tegen mij: “man je bent gek”. Nou ja dat was dan voor mijn rekening.

Om half 12 kwam de kapelaan. Hij was zo verbaast en gelukkig toen hij de versierde “Kapel” in kaarslicht zag en de klaargemaakte Kersttafels. ’t Was ’n schitterend gezicht. Die nacht hadden we ’n gezongen H mis met pianobegeleiding waarna Kerstliederen werden gezongen, alles onder leiding van de sergeant. Na de Kerstdienst was het Kerstontbijt met ’n toespraak door de kapelaan en de kapitein. “vrede op aarde”, met vooruitzicht op ’n oorlog, allen onder ’n hele grote berg zand met als buur naast de kapel 150 ton granaten. Ondanks alles is het voor mij het mooiste Kerstfeest van mijn leven geweest.

Thema-nieuwsbrief Fort bij Nigtevecht in 1939-1940 (deel 1)
Thema-nieuwsbrief Fort bij Nigtevecht in 1939-1940 (deel 2)

 

Deze nieuwsbrief is een uitgave van het Documentatiecentrum Stelling van Amsterdam. De redacteurs en auteurs aanvaarden geen aansprakelijkheid, op welke wijze ontstaan, door het gebruik van de inhoud van de website, nieuwsbrief of andere publicatie, door welke persoon en voor welk doel dan ook. Bij gebruik als bron voor publicaties en andere uitingen is bronvermelding verplicht en tevens wordt deskundige begeleiding, door bijvoorbeeld de redacteur of auteur, aanbevolen. In de nieuwsbrieven weergegeven meningen zijn een deel van een column of strikt persoonlijk tenzij expliciet anders is aangegeven. 'Majoor Van Hall' en 'Soldaat Troelstra' zijn fictieve militairen uit het verleden die dienen als pseudoniemen voor verschillende personen. Activiteiten zoals rondleidingen worden mogelijk door andere partijen georganiseerd en de verantwoordelijkheid voor inhoud, uitvoering e.d. ligt geheel bij de betreffende partij. De inhoud van een nieuwsbrief wordt na publicatie niet meer gewijzigd en kan later onjuist zijn gebleken of niet meer van toepassing zijn. De auteursrechten berusten bij René G.A. Ros tenzij anders is aangegeven.

 

RSS Feed met nieuws over de Stelling Stelling van Amsterdam Twitter Stelling van Amsterdam op sociaal netwerk Facebook Doc.centrum Stelling van Amsterdam op LinkedIn
Stelling van Amsterdam op foto-site Instagram Stelling van Amsterdam op video netwerk YouTube

Deze website wordt verzorgd door particuliere experts en is geen website van een overheid.
Alle rechten voorbehouden, o.a. gebruik door commerciële partijen alleen met voorafgaande toestemming.
Stelling van Amsterdam. Een stadsmuur van water.
UNESCO Werelderfgoed sinds 1996
Beleef het zelf: kom ook naar de forten en waterlinies in Nederland! (Advertentie)
 
 
 
Onderzoek, studie en informatie met betrekking tot het erfgoed van de waterlinies in Nederland. (Advertentie)