Korporaal Van der Lee |
![]() |
Naam voluit: |
Wouterus Franciscus van der Lee |
||||
Geboren: |
15 augustus 1881, 's-Gravenhage (Zuid-Holland) |
||||
Overleden: |
27 oktober 1969, Amsterdam (Noord-Holland) |
||||
Levensloop: |
Wouterus Franciscus van der Lee (roepnaam onbekend) werd op 15 augustus 1881 in 's-Gravenhage geboren. Zijn vader was Karel Wouterus Franciscus van der Lee (1854-1902) van beroep "reiziger" en zijn moeder Anna Lodeesen (1855-1918). Zij waren op 13 augustus 1880 in Amsterdam getrouwd. Over zijn jeugd en opleidingen is geen informatie gevonden. Als 19-jarige werd Van der Lee op 18 december 1900 aangewezen voor de militaire dienst, d.w.z. militieplicht. Als laatste woonplaats stond daarbij "Crefeld, Pruissen" genoteerd, tegenwoordig Krefeld in Noordrijn-Westfalen in Duitsland. Op 26 april 1901 werd hij ingelijfd voor eerste oefening
bij het 7e Regiment Infanterie (7RI) in Amsterdam en ging op 14 augustus 1902 met groot verlof. Hij werd teruggeroepen voor herhalingsoefeningen in 1903 (84 dagen), 1906 (27 dagen) en 1909 (19 dagen). Lucretia Pijpers (1889-1969) werd op 8 mei 1913 zijn vrouw door een huwelijk in Amsterdam. Voor zover bekend kregen zij één kind. Het echtpaar woonde in bij de familie Van der Lee die vanaf april 1913 in de Valeriusstraat in Amsterdam woonde.
Op 1 augustus 1914 werd ook Van der Lee gemobiliseerd. Was hij ingedeeld gebleven bij het 25 BLWI dan zou hij in het zuiden van de Stelling gelegerd zijn geweest. Dezelfde dag werd bij overgeplaatst naar het 20 BLWI (van 18RI) dat rond Krommenie en Abcoude was ingedeeld. Op 1 december 1914 werd hij bevorderd tot korporaal.
Uit zijn notitieboekje en een groepsfoto blijkt dat Van der Lee als korporaal was ingedeeld bij de "3e Sectie, 4e Compagnie, 20 Landweer Bataljon" in lokaal 25 van het Fort bij Krommeniedijk. Die compagnie was met 227 militairen op het fort ingedeeld; drie officieren (wo. fortcommandant), 12 onderofficieren en 212 minderen waaronder 10 korporaals. In totaal waren er 295 militairen op het fort ingedeeld. In het notitieboekje werden 61 militairen genoemd die (niet gelijktijdig) ook korporaal waren of onder hen gediend moeten hebben. Opmerkelijk is dat Van der Lee al op 17 december 1915 gewoon verlof kreeg en naar huis mocht, wat voor de meeste dienstplichtigen pas in voorjaar 1916 zou zijn. In mei 1917 moest hij drie dagen terug naar zijn eenheid (mogelijk niet op het fort) en kreeg weer klein verlof waarvan een einddatum niet genoemd werd. Zijn Landweerdiensttijd eindigde op 31 december 1918, anderhalve maand na de wapenstilstand van de Eerste Wereldoorlog. Hij bleef als Landstormplichtige in werkelijke dienst, maar vermoedelijk wel met verlof. Pas op 5 november 1919 eindigde dat met de formele demobilisatie.s Een vermelding in het bevolkingsregister van Amsterdam gaf als beroep "handelsreiziger, agent" (vertegenwoordiger, verkoper buitendienst) maar niet van welk bedrijf. Hij kwam veel in Duitsland en beheerste de taal goed. Engels sprak hij niet. Waarschijnlijk was Van der Lee sinds 1907 voetbalscheidsrechter, waarvoor hij bij het 25-jarig jubileum in 1932 werd gehuldigd door de Koninklijke Nederlandsche Voetbalbond. Op dat moment was hij ook voorzitter van de Amsterdamse Volks Voetbalbond. Van der Lee overleed, 88 jaar oud, op 27 oktober 1969 in Amsterdam. Hij werd begraven op de Algemene Begraafplaats Muiderberg waar anno 2026 het graf nog aanwezig was. Hij rust met zijn ouders in het graf. |
||||
Bron: |
Nationaal Archief, Stadsarchief Amsterdam, Noord-Hollands Archief, Documentatiecentrum Stelling van Amsterdam. |
||||
| Foto's: | Documentatiecentrum Stelling van Amsterdam. |
