Sluit [X]   
 

Fortwachter Reinderts in 1942: ingeschreven in bevolkingsregister op Fort in de Botshol

© 1999-2018, René G.A. Ros
Laatst gewijzigd 17-11-2018

Mensen

Soldaat Caun

Naam voluit:

Salomon Caun

Geboren:

23 maart 1887, Amsterdam (Noord-Holland)

Overleden:

29 januari 1959, Heerde (Gelderland)

Levensloop:

Zijn vader was Simon Salomon Cohen Caun (*27-2-1833) die door het overlijden van zijn eerste vrouw Rebekka Trompetter (*22-11-1828, †9-2-1871) en zijn tweede vrouw Rosette Vorsänger (*24-7-1834, †18-2-1882) weduwnaar werd. Uit het tweede huwelijk waren een zoon Karel Michiel en een dochter Julie voortgekomen.
Op 50-jarige leeftijd hertrouwde hij op 14 februari 1884 met de 25-jarige Saartje Wolff (*15-05-1858, †31-7-1929). Zij kregen twee zoons Mozes en Salomon voordat vader op 3 maart 1888 overleed.

Ondanks enkele lichamelijke gebreken en een ingediend bezwaar werd de 1,60 meter lange magazijnbediende ingelijfd voor de militieplicht. Op 6 maart 1907 begon Salomon's eerste opkomst bij het 7de Regiment Infanterie in Amsterdam dat duurde tot 29 april 1908. In 1911 en 1913 keerde hij terug voor herhalingsoefeningen van resp. zes en twee weken.
De voor hem als Israëliet geldende Joodse spijswetten zijn de reden dat zijn controlelijst bij terugkomst en verlof een van deze teksten vermeldde: "geniet geen levensmiddelen", "met verlof met vergoeding voor levensmiddelen" en "is vrijgesteld aan deelname aan den menage". Hij moest zijn voeding zelf regelen.

Ophorst Graf
Salomon Caun als milicien-soldaat in de groepsfoto.

Op 1 augustus 1914 werd ook hij gemobiliseerd en was vermoedelijk, in ieder geval in 1916, gelegerd op Fort benoorden Purmerend.
Salomon kreeg alleen op 4 december 1915 twee dagen kwartierarrest wegens "gemankeerd bij een les" en moet hij een voorbeeldig militair zijn geweest. Gedurende de mobilisatie werd hij op 1 januari 1916 formeel overgeplaatst bij het 22e Bataljon Landweer Infanterie.
Op 26 september 1916 werd hij op gewoon klein verlof gestuurd maar pas op 1 oktober 1919 volgde groot verlof en demobilisatie. Per 31 juli 1920 zat ook zijn Landweerdiensttijd erop.

Ondertussen was hij op 8 januari 1919 in Amsterdam met Rika Leezer (1892-1975) getrouwd. Uit dit huwelijk kwamen de dochters Sonja (Sara) en Betty (Bertha) en een zoon Simon voort.
Op onbekende datum begon Salomon met Joseph Italiaander de herenkledingwinkel firma Caun & Italiaander. Op 8 september 1926 werden beide vennoten failliet verklaard.
Hierna werkte hij als verkoper bij de herenkledingwinkel Forty Four op de Leidsestraat 7 met filialen in Den Haag en Rotterdam. In historische kranten zijn personeelsadvertenties alleen in de periode 1942 tot en met 1976 te vinden.

Ophorst tijdens vaandeluitreiking.
Groepsfoto van militairen die een prikkeldraadversperring bij Fort benoorden Purmerend aanleggen, vermoedelijk augustus 1914. Salomon Caun zit rechtsvoor met een rol prikkeldraad in zijn handen. Fortcommandant J. van Nijdam staat geheel links.
 

Zoon Simon was in 1942 afgereisd naar 'een werkkamp' en vernam zijn familie niets meer; vermoedelijk is hij direct na aankomst in Auschwitz om het leven gebracht.
Salomon en zijn vrouw doken samen met dochter Betty, haar man Jaap Soesan en zijn ouders onder op boerderij Poels bij America (Limburg). Op deze en andere boerderijen werden veel onderduikers en geallieerde piloten verborgen.
Zijn herenkledingwinkel was overgedaan aan de niet-joodse boekhouder Franke en met de opbrengsten werd de onderduik betaald.
Na de bevrijding van het zuiden verbleven ze enige tijd in België en na bevrijding van heel Nederland gingen ze tijdelijk inwonen bij dochter Sonja en haar man David van Beetz in Heerde. In 1947 werden ze formeel in het bevolkingsregister ingeschreven.
Door toeval waren Sonja en David in Heerde ondergedoken geweest en was David bij het Verzet rond Barneveld en Voorthuizen betrokken waarvoor hij onder andere documenten vervalste. Hij is een van de weinige joodse onderduikers waarvan bekend is dat ze ook verzetsactiviteiten pleegden.

Ophorst Graf
Foto vermoedelijk gemaakt tijdens bezoek echtpaar Franke aan de onderduikers. V.l.n.r. de echtparen Caun, Franke, Soesan-Caun en Soesan.

Na de oorlog heeft Salomon een aantal jaar als verkoper gewerkt in een herenkledingwinkel op de Nieuwendijk in Amsterdam. Hij maakte lange dagen omdat hij elke dag met de trein tussen Heerde en Amsterdam reisde.

Salomon overleed op 29 januari 1959, 71 jaar oud, in Heerde en werd begraven op de Joodse begraafplaats Luurderschans in het nabijgelegen Zwolle. In 1980 werd de gehele begraafplaats geruimd en de graven overgebracht naar de Joodse begraafplaats Kuyerhuislaan.

Van de 1.004 militairen die in 1915-1916 in de vijf forten in de gemeente Beemster waren gelegerd, is hij één van twee Joodse overlevenden. Van 44 militairen is bekend dat ze tijdens de Tweede Wereldoorlog in concentratiekampen zijn overleden. (Zie thema-nieuwsbrieven 'Wie waren de 1.004 militairen in de Beemster?' deel 1 en deel 2.)

Bron:

Freek en Lou van Beetz (kleinzoons), Nationaal Archief controlelijsten onderofficieren en minderen

Foto's: collectie Lou van Beetz

RSS Feed met nieuws over de Stelling Stelling van Amsterdam Twitter Stelling van Amsterdam op sociaal netwerk Facebook Doc.centrum Stelling van Amsterdam op LinkedIn
Stelling van Amsterdam op foto-site Instagram Stelling van Amsterdam op foto-site Flickr Stelling van Amsterdam op video netwerk YouTube

Deze website wordt verzorgd door particuliere experts en is geen website van een overheid.
Gebruik door commerciële partijen alleen met voorafgaande toestemming.
Stelling van Amsterdam. Een stadsmuur van water.
UNESCO Werelderfgoed sinds 1996
Bureau Meerzijdig let op meerdere zijden bij support, mediation, procesbegeleiding en trainingen. (Advertentie)
 
 
 
FMTraining - Trainingen en cursussen voor gebruikers en ontwikkelaars van FileMaker (Advertentie)